artikel

Variabele stroomprijs doodsteek voor zonnepanelen

installatiebranche

Burgers en bedrijven kunnen investeringen in duurzame energie nooit terugverdienen bij een variabele prijs, vindt Herbert Blankesteijn.

Variabele stroomprijs doodsteek voor zonnepanelen

Beheerders van elektriciteitsnetwerken als Alliander, Enexis en Stedin pleiten bij de politiek voor variabele stroomprijzen. Ze willen daarmee de nieuwe realiteit op het gebied van de stroomvoorziening het hoofd te bieden. Die realiteit is dat er in hoog tempo duurzame capaciteit bijkomt zoals zonnepanelen en windmolens, en dat zulke stroom vaak lokaal wordt opgewekt – denk aan zonnepanelen op daken van bedrijven en woningen. Zo’n variabele stroomprijs is slecht nieuws – voor bezitters en installateurs van zonnepanelen, maar vooral voor de langetermijn-energiedoelen van de overheid.

Vraag en aanbod

De wens van de netbeheerders is op zichzelf begrijpelijk. Ze moeten het stroomnet aanpassen aan tweerichtingsverkeer en dat vereist investeringen. Ook de elektriciteitsbedrijven dragen de lasten van duurzame opwekking. Zij zijn het die dure reservecapaciteit moeten aanhouden voor als de zon en de wind het laten afweten. Eind vorig jaar is al een proef aangekondigd met variabele energieprijzen voor consumenten. Een prijs die wordt bepaald door vraag en aanbod van het moment, lijkt redelijk: duurder als iedereen de airco aandoet, goedkoper als het hard waait, bijvoorbeeld.

Terugverdientijd

Maar er is nog een realiteit, en dat is het feit dat duizenden bedrijven en particulieren hebben bijgedragen aan de zo gewenste duurzame capaciteit door zonnepanelen te laten installeren. Het zijn dure investeringen, die maar net renderen. De terugverdientijd die leveranciers voorspiegelen is zeven jaar. En aangezien het de verkopers zijn die dit voorrekenen, is dat waarschijnlijk optimistisch. Dat is bovendien uitgaande van de veelbesproken saldering: elke kilowattuur die je teruglevert, wordt afgetrokken van je stroomverbruik. Daar krijg je dus de volle prijs voor terug, inclusief btw en energiebelasting.

Saldering

Dit is in feite een subsidie, en zoals dat meestal gaat zijn subsidies onhoudbaar als ze teveel succes hebben. Maar dat die saldering vroeg of laat verdwijnt, wordt door leveranciers lang niet altijd verteld. Wij hebben voor onze zonnepanelen met vier leveranciers gesprekken gevoerd en geen van hen noemde deze mogelijkheid uit eigen beweging. Dat is nog geen jaar geleden.

Afbraakprijs

Vanuit hun eigenbelang geredeneerd is dat logisch want zonder saldering stort de businesscase voor zonnepanelen volledig in. De terugverdientijd gaat naar minstens 20 jaar en niemand begint er meer aan. Een variabele stroomprijs maakt dit nog erger. Extra lage stroomprijzen krijg je vanzelfsprekend als de productie hoog is en dat zal onder andere zijn als de zon hoog aan de hemel staat – juist de momenten dat zonnepanelen moeten worden terugverdiend. Of terugverdienen dan nog mogelijk is, is de vraag. Ter plaatse consumeren, zoals de netbeheerders voorstaan, is geen optie. Als je zonnepanelen maximaal vermogen leveren, kun je niet alvast de was van volgende week gaan drogen, als het regent. Terugleveren tegen een afbraakprijs is de enige mogelijkheid. Opslagsystemen voor particulieren en kleine bedrijven, zoals de accu’s uit de batterijenfabriek van Tesla-oprichter Elon Musk, zijn nog lang niet rendabel. Accu’s van elektrische auto’s als opslag gebruiken biedt ook maar beperkt soelaas. Dat vereist in de eerste plaats veel meer elektrische auto’s en bovendien een sterk aangepaste infrastructuur.

Portemonnee

Een variabele stroomprijs raakt dus de portemonnee van de  huidige bezitters van zonnepanelen en kan de markt voor zonneënergiesystemen bederven. Je kunt dat overigens ondervangen door een termijn van zeven jaar vast te leggen voor het opheffen van de saldering (en eventueel invoeren van variabele tarieven). Dat moet dan wel goed gepubliceerd worden en leveranciers moeten er eerlijk over zijn. Dan verniel je nog steeds de markt voor zonnepanelen, maar de bezitters van nu verdienen hun spullen in elk geval terug.

Doelstelling Rijksoverheid

Wat echt telt is dit: de Rijksoverheid heeft de doelstelling om in 2050 de hele energievoorziening duurzaam te maken. Op weg daarheen zijn tussendoelen vastgelegd, zoals 14% duurzaam in 2020 (nu 5%). Subsidies zijn daarvoor een mogelijk middel, zegt Rijksoverheid.nl. Dat is de werkelijke keus waar we voor staan. Een vrije stroommarkt gereguleerd door vraag en aanbod waarin decentrale opwekking niet interessant is, óf een significante rol voor decentrale opwekking in het duurzame pakket maar dan met een of andere vorm van subsidie. Die kan allerlei vormen krijgen, van saldering tot een vergoeding aan de netbeheerders voor hun investeringen. De netbeheerders leggen dit terecht voor aan de politiek, maar de doelstellingen van de Rijksoverheid spreken duidelijke taal.

Herbert Blankesteijn is fysicus, technologiejournalist en presentator van BNR Digitaal.

Dit artikel staat ook in het Financieele Dagblad van maandag 21 maart.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels