Faalkosten aanpakken: makkelijker gezegd, dan gedaan

Over het algemeen kan de installatiesector wel aangeven waardoor faalkosten ontstaan en hoe die te voorkomen zijn. Maar het blijkt lastiger die kosten daadwerkelijk te monitoren en de voorgestelde maatregelen door te voeren.

Dat blijkt dit keer uit het thema van de BouwMonitor, een maandelijks terugkerend onderzoek uitgevoerd door USP. De faalkosten in installatiebedrijven kwamen vorig jaar op 5 procent uit, maar is dit jaar opgelopen naar 9 procent. Een veelheid van factoren speelt daarin een rol.

Onduidelijkheid en gebrek aan knowhow

De belangrijkste reden die wordt genoemd is een gebrek aan afspraken en communicatie tussen de betrokken partijen, die zuigt 60 procent naar zich toe. Dit wordt in nagenoeg gelijke grootte, rond de 30 procent allemaal, opgevolgd door onduidelijke eisen bij de start van de bouw, gebrek aan knowhow bij zowel verwerkers als bij planners, fouten in de planning en druk door deadlines.

Alsof dit allemaal nog niet genoeg is, zijn druk door de kosten, onduidelijke geregelde verantwoordelijkheden en onverwachte extra eisen doordat er onvoldoende kosten in de berekening zijn doorgevoerd, allemaal goed voor zo’n 20 procent.

Iedereen minder tevreden

Helaas zijn de gevolgen hiervan ook merkbaar. Dit uit zich vooral in een lagere winst (45%), dat klanten minder tevreden zijn (50%) en dat projecten niet op tijd af zijn (50%). Ook wordt door de faalkosten een minder kwalitatief product afgeleverd (38%) en is het eigen personeel ook minder tevreden (30%). Het kan zelfs juridische consequenties hebben (27%) en dat veiligheid op het spel wordt gezet (19%).

Welke kant van de spiegel

Gebeurt dat in het eigen bedrijf, kijk dan in de spiegel.

Gevraagd naar oplossingen om faalkosten te voorkomen, zijn er veel overeenkomsten met de oorzaken. Ontstaan faalkosten door een gebrek aan communicatie, dan kan en moet die verbeterd worden. Zijn verantwoordelijkheden onduidelijk geregeld, dan is daar voor de volgende keer een stap te zetten. De achterliggende vraag is natuurlijk of die gebreken en onduidelijkheden bij het bedrijf liggen of bij de partners? Dat geldt ook voor afspraken die niet worden nageleefd. Gebeurt dat in het eigen bedrijf, kijk dan in de spiegel. Die spiegel mag omgekeerd worden als de tegenpartij zich niet aan de afspraken houdt.

Nieuwkomer vervangt oude rot

Uiteraard speelt de leegloop van personeel en het nauwelijks beschikbaar zijn van nieuw personeel ook een rol in de faalkosten. De oude rotten nemen veel ervaring met zich mee, terwijl de nieuwkomers nog aan het begin van hun loopbaan staan. Dit gemis aan knowhow is met een cursus links en rechts wel enigszins aan te vullen, maar vraagt ook een lange adem.

Met succes aanpakken?

Het hanteren van die spiegel blijkt lastig te zijn. 36 procent van de installatiebedrijven blijkt in staat te zijn geweest om met succes de faalkosten te verminderen. 35 procent geeft aan dat dat niet gelukt is. Blijft er een groep van 29 procent over die aangeeft niet te weten of ze de faalkosten hebben kunnen verminderen.

Ook in de BouwMonitor

De BouwMonitor onderzoekt, zoals gebruikelijk, ook de oorzaken van productieverlies, het bouwsentiment, de omzet en de verwachtingen voor de volgende maand.

Opnieuw productieverlies door Covid-19

Het valt op dat in juni door bedrijven weer melding wordt gemaakt van gestegen productieverlies als gevolg van Covid-19 maatregelen en ziekteverzuim, zie de grafiek voor de percentages.

[Tekst gaat verder onder de grafiek. Klik op de grafiek om deze groter te maken.]

BouwMonitor juni 2022: Oorzaken productieverlies

Bouwsentiment nóg lager

Daarnaast daalde het bouwsentiment sinds de oorlog in Oekraïne sterk, waarna het vervolgens een aantal maanden behoorlijk stabiel bleef. Maar ook daarin is nu een dip waar te nemen, het sentiment is gedaald van –54 procent in mei tot maar liefst –64 procent in juni.

[Tekst gaat verder onder de grafiek. Klik op de grafiek om deze groter te maken.]

BouwMonitor juni 2022: ontwikkeling bouwsentiment

Omzet juni 2022

Tot slot halen we kort de statistieken aan over de installatiebranche qua omzet in juni 2022 en de verwachtingen voor juli 2022.

De W-installateurs die een omzetstijging noteren ten opzichte van juni 2021 is deze maand met 23 procent. Het aantal W-installateurs dat aangeeft last te hebben van een omzetdaling ten opzichte van juni 2021, is in juni 2022 25 procent.

Helaas kunnen we niet zeggen welk percentage van de E-installateurs te maken heeft gehad met een omzetdaling of een omzetstijging, omdat voor een goed beeld niet genoeg respondenten hierop hebben geantwoord.

Verwachting juli negatief

Voor juni 2022 werd een gemiddelde omzetstijging van 4,0 procent verwacht, maar die is op 2,1 procent blijven steken. Wellicht dat deze domper ervoor gezorgd heeft dat men voor juli zelfs een negatieve omzetstijging van –0,2 procent opgeeft. Uiteraard kunnen de zomer en de aanstaande vakantie daarin ook een rol spelen.

Over de BouwMonitor

USP Marketing Consultancy heeft samen met Installatie Journaal, Gawalo, Cobouw en Vastgoedmarkt het initiatief genomen tot de bouwbrede BouwMonitor. Via de BouwMonitor wordt maandelijks inzicht gegeven in belangrijke bouwindicatoren zoals de omzetontwikkeling en orderportefeuille van elke partij in de bouwkolom. Door alle partijen te monitoren brengt de BouwMonitor de effecten van het Coronavirus op de bouwwereld en het herstel van de sector in kaart.

Dit vind je misschien ook interessant