artikel

NEN 1010 krijgt nieuw deel over energiebesparing en certificering

elektrotechniek

De norm NEN 1010 krijgt twee uitbreidingen. Deel één gaat over energiebesparing en certificering terwijl het tweede nieuwe deel slimme installaties behandelt. Dit artikel zoomt in op energiebesparing en certificering.

NEN 1010 krijgt nieuw deel over energiebesparing en certificering

Door Evi Husson

“Wat op dit moment nog vaak gebeurt, is dat installateurs overdimensioneren. Een installateur plaatst een transformator die in wezen veel te groot is voor de installatie. Dit brengt onnodige verliezen met zich mee. Installateurs nemen het zekere voor het onzekere omdat een te kleine installatie meer hoofdbrekens oplevert. Echter, meet je achteraf in de praktijk, dan blijkt vaak dat het formaat met een factor twee te groot is gekozen. Zonde.” Dit stelt Sjef Cobben hoofdredacteur van Kennisbanken E-Installatie en hoogleraar aan de TU Eindhoven. “In de toekomst zal vooraf veel nauwkeuriger moeten worden berekend wat nodig is om zo energie-efficiënt mogelijk te zijn.”

Energievoetafdruk

Wanneer de uitbreidingen op de NEN 1010 zijn verschenen, zullen steeds meer installateurs, maar ook klanten kritischer worden, vermoedt Cobben. “Bij het verschijnen van officiële documentatie is er enige houvast en zullen steeds meer vakmensen worden getriggerd om over de energievoetafdruk na te denken. Dit levert twee zaken op. Enerzijds wordt meer inzichtelijk hoe je energie kunt besparen in installaties en worden installaties daardoor geleidelijk energie-efficiënter. Anderzijds biedt de uitbreiding een houvast om installaties te certificeren.”

1)Energiebesparingsmogelijkheden

Nederland wil van het gas af en is op zoek naar andere mogelijkheden. Elektriciteit is wellicht het belangrijkste alternatief. Doe je meer met elektriciteit, dan wordt het ook steeds belangrijker om dit op een zo efficiënt mogelijke manier te doen, door energiebesparende maatregelen te nemen. Dit kan op meerdere gebieden.  Hieronder geeft Cobben een aantal voorbeelden:

a)Aantal en plaats verdeelinrichtingen

“Neem het aantal en de plaats van verdeelinrichtingen. Zo moet de voeding bijvoorbeeld zo dicht mogelijk bij de belasting plaatsvinden. Aan de hand van formules kun je bepalen waar de bron van de belasting zit en bij het zwaartepunt van de belasting maak je vervolgens de overdrachtspunten. Op die manier zijn de leidingen het kortst waar de grote stromen lopen, wat resulteert in de minste energieverliezen. Energieverliezen worden bepaald door stromen die door leidingen en transformatoren lopen. Kun je die stromen beperken, dan kun je ook energie besparen.”

b)Een of meerdere transformatoren

Naast de plaats van de verdeelinrichting kan worden nagegaan of één of meerdere transformatoren nodig zijn. “Bij het plaatsen van één transformator bepaalt de positie van de transformator gedeeltelijk de energieverliezen in de voedingsleidingen. Bij het plaatsen van meerdere transformatoren zullen enerzijds de verliezen in de kabel kleiner zijn, maar anderzijds zijn er meer transformatoren nodig wat gelijk staat aan meer nullastverliezen. Er moet met andere woorden kritisch worden gekeken naar het aantal én naar de opstellingsplaats.”

c)Energiemanagement

Energiemanagement is eveneens een belangrijke methode om te komen tot energiebesparing. “Door het zichtbaar maken van het energieverbruik aan de hand van diverse parameters kan energie worden bespaard. Denk bijvoorbeeld aan een gebouwbeheerssysteem waarbij men inzicht heeft in temperatuur, aanwezigheid van mensen, de hoeveelheid aanwezig daglicht en kunstlicht, kwaliteit van de stroom en dergelijke. Wordt het gebruik inzichtelijk, dan is het mogelijk (geautomatiseerd) energiebesparende maatregelen door te voeren.”

Ook door de opbouw van installaties en het gebruik van energiezuinige componenten kan veel worden bespaard. Denk aan energiezuinige componenten zoals ledverlichting, transformatoren met lage nullastverliezen of energiezuinige motoren.

d)Dikte van de leidingen

De dikte van leidingen speelt eveneens een rol. “Je kunt kiezen voor een dikkere leidingdoorsnede die wellicht in eerste instantie duurder is, maar tegelijkertijd ook lager in verlies waardoor zich dit snel terugverdient als er sprake is van grote bedrijfstijden.”

Tip: Op Installatie Journaal staat een gratis kennisvideo over de nieuwe delen van  NEN 1010

2)Certificering

Behalve energiebesparingsmogelijkheden komt zoals eerder genoemd ook certificering ruim aan bod in de uitbreiding van de NEN 1010. In dit nieuwe deel staat beschreven hoe je kunt berekenen tot welke efficiency-klasse een installatie behoort ten aanzien van energiebesparing door rekening te houden met meerdere aspecten. Cobben: “Denk daarbij aan aspecten als de opbouw van de installatie, of de juiste keuze is gemaakt voor de processen, of de verdeelinrichtingen op de juiste plaats zijn gepositioneerd, in welke mate de harmonische vervuiling is beperkt, of de leidingdoorsnede voldoende dik dan wel overgedimensioneerd is, of de arbeidsfactor richting 1 gaat en of er voldoende functies zijn geautomatiseerd in het gebouwbeheerssysteem om energie te kunnen besparen. Al deze facetten komen voor in het certificeringssysteem waardoor je kunt berekenen tot welke klasse een installatie behoort.”

Kritische klanten

Installateurs kunnen zich onderscheiden door installaties te ontwerpen volgens de energiezuinigste klasse en zich op die manier ook richting de klant te profileren. “Geleidelijk aan zullen klanten dit ook van installateurs verwachten. Ze worden kritischer en zullen installateurs niet zomaar op hun blauwe ogen geloven. Ze willen de berekeningen zien waarin zichtbaar wordt tot welke klasse de installatie behoort. Die classificatie en certificering zal in de toekomst steeds belangrijker worden.”

NEN 1010 wordt ook uitgebreid met een deel over slimme installaties

 

Reageer op dit artikel