artikel

NEN 1010 krijgt aanvulling over slimme (energie)installaties

energie

NEN 1010 wordt uitgebreid met een deel over slimme energie-installaties. Want of het nu gaat om de installatie van zonnepanelen, opslagsystemen of een warmtepomp: er komt vaak meer bij kijken dan je denkt.

NEN 1010 krijgt aanvulling over slimme (energie)installaties

Door Evi Husson

“Een eerste aspect waar je bij de installatie van energie-installaties rekening mee moet houden is de bedrijfsvoering.” Dit zegt Sjef Cobben, hoofdredacteur van Kennisbanken E-Installatie en hoogleraar aan de TU Eindhoven. “Je kunt energie van het net gebruiken, maar opslagsystemen en opwekkers zoals zonnepanelen en windenergiesystemen laten het toe volledig zelfvoorzienend te zijn. Of er is tweerichtingsverkeer waarbij zowel van het net gebruik wordt gemaakt als wordt terug gevoed aan het net. Daarbij is het mogelijk per gebouw een overdrachtspunt met het net te creëren. En in de toekomst wellicht ook per wijk of per deel van een industriegebied.”

Zuivere sinus

Tweerichtingsverkeer tussen het net en zelfvoorziening betekent een andere inrichting van de installatie.
“Op het moment dat je bent gekoppeld aan het net bepaalt het net de frequentie en de spanning. Voor netspanning geldt dat de sinus zich 50 maal per seconde repeteert (50 Hertz). Ben je daarentegen los van het net, dan moet de installateur ervoor zorgen dat de spanning sinusvormig blijft bij een frequentie van 50 Hertz. Installateurs vergeten dit nog wel eens. Terwijl het technisch niet zo lastig is. Er zijn meerdere componenten op de markt die dit op een goede manier kunnen inrichten.

Beveiliging

En dan is er nog de beveiliging. “Wanneer een installatie aan het openbare net is gekoppeld, loopt er een relatief grote stroom waarmee je in de installatie en qua beveiliging rekening mee hebt gehouden. De vermogensschakelaars zullen indien nodig uitschakelen op de grote stroom. Eigen generatoren en opslagsysteem hebben daarentegen vaak een zwak net, en dus een laag kortsluitvermogen. Er lopen minder grote stromen in vergelijking met het openbare net, maar ook deze kleinere stromen zullen door de beveiligingssystemen moeten worden gedetecteerd om te komen tot een veilige installatie. Ook hiermee zal de installateur rekening moeten houden.”

Energiemanagement

Werken met slimme installaties betekent ook zorgen voor een slim energiemanagement. “Energiemanagement is geen nieuw begrip. Er zijn meerdere systemen op de markt die ervoor zorgen dat bepaalde piekvermogens niet worden overschreden.” Energiemanagementsystemen kunnen echter nog veel verder gaan, zegt Cobben. “Door bijvoorbeeld niet alleen de piekvermogens te bewaken maar ook terug te leveren als het net behoefte heeft aan meer energie en dit economisch gunstig is. Wanneer er sprake is van dynamische tarieven, kun je veel meer spelen met opwekking en belasting. Naar verwachting zal hier in de toekomst nog veel meer gebruik van worden gemaakt.”
Afgelopen april zijn er nieuwe Europese codes verschenen voor het terugleveren van elektriciteit. Deze codes definiëren de interactie tussen netbeheerder en installatie en moeten zorgen voor meer uniformiteit binnen de Europese Unie op het gebied van onder meer netveiligheid, leveringszekerheid en het faciliteren van de energietransitie. “Er komen veel meer slimme energie-installaties waardoor enige kennis over energiemanagement geen overbodige luxe is.”

AC en DC

Nog een discussie die de laatste jaren speelt wat betreft slimme energie-installaties, is deze rond gelijkspanning. Moet je kiezen voor louter wisselspanning of kun je – wanneer er bijvoorbeeld sprake is van zonnepanelen en het laden van een  elektrische auto – delen van de installatie met gelijkspanning ontwerpen en installeren? Cobben hierover: “Voor een woonhuis is dit momenteel wellicht nog te vroeg. Voor datacentra die grotendeels met systemen op gelijkspanning werken, is een (geheel of gedeeltelijke) DC-installatie zeker in overweging te nemen. De trend om installaties geheel of gedeeltelijk in DC uit te voeren, zou zich in de toekomst nog kunnen doorzetten.”
De kennis over het gelijkspanningsnet is nog geen gemeengoed onder de installateurs, stelt Cobben. ‘Logisch, aangezien het nog niet uitgebreid wordt toegepast en er ook nog maar weinig uitgewerkte normen zijn hierover. De Nederlandse Praktijkrichtlijn NPR 9090 ‘DC installaties voor laagspanning’ en andere informatie is beschikbaar, maar voor velen is dit nog nieuwe materie. Het is wellicht nog te vroeg om je hierin als installateur te onderscheiden aangezien het op dit moment nog een nichemarkt is. Toch is het zeker geen slecht idee om de mogelijkheden en ontwikkelingen rond DC-installaties voor laagspanning te blijven volgen.”

Reageer op dit artikel