nieuws

Noodverlichting is meer dan een groen mannetje

beveiliging

Noodverlichting is veel meer dan het alom bekende groene bordje met het pijltje en het rennende mannetje. Zo is er de eis of norm dat noodverlichting een uur lang op volle sterkte zichtbaar moet blijven.  Er zijn verschillende categorieën noodverlichting, normen en wetten die van toepassing zijn.

Noodverlichting is meer dan een groen mannetje

Vaak wordt er een directe relatie tussen noodverlichting en brandveiligheid gelegd. Maar noodverlichting is niet in de eerste plaats bedoeld om veilig te vluchten bij brand. Pas wanneer brand gepaard gaat met uitval van stroom moet de noodverlichting aangaan, maar ook zonder dat kan noodverlichting een levensreddende functie hebben. Noodverlichting dient om mensen in staat te stellen veilig een gebouw te verlaten wanneer de netspanning uitvalt, ongeacht de oorzaak.

Consensus

Annet van der Horn is Standardization Consultant bij de NEN. Ze maakt nieuwe normen en zorgt ervoor dat bestaande normen onderhouden blijven. Hiervoor begeleidt ze de normcommissie ‘Verlichting’, waarin alle belanghebbende partijen op het gebied van licht en verlichting zijn samengebracht.
Van der Horn: “Een norm is niets anders dan een afspraak tussen partijen, gemaakt in consensus, binnen een bepaalde branche. Een norm kan na publicatie gebruikt worden, maar dit is niet verplicht. Tenzij de norm in de regelgeving, bijvoorbeeld het Bouwbesluit, wordt opgenomen. Wordt een norm in een contract opgenomen, dan is er ook een verplichting.”

Categorieën

Ook voor noodverlichting zijn diverse normen opgesteld. De NEN-EN-1838 (Europese toepassingsnorm) deelt noodverlichting in twee categorieën in, te weten ) noodevacuatieverlichting en vervangingsverlichting.
Categorie 1 is onderverdeeld in:

(a)      vluchtrouteverlichting: dit zorgt ervoor dat vluchtwegen en obstakels op de route te herkennen zijn, inclusief de verlichting van de vluchtrouteaanduiding: het ‘rennende mannetje’;

(b)      anti-paniekverlichting: dit stelt mensen in staat een plek te bereiken vanwaar ze verder gebruik kunnen maken van een vluchtroute;

(c)      verlichting voor werkplekken met verhoogd risico: dit stelt mensen in staat een juiste afsluitprocedure uit te voeren zodanig dat de veiligheid van anderen niet in het geding komt. Bij categorie 2 moeten we denken aan volwaardige verlichting die inschakelt bij stroomuitval en ervoor zorgt dat normale activiteiten zo goed mogelijk doorgang kunnen vinden.

Diverse normen

In het Bouwbesluit 2012 zijn diverse NEN-normen rondom noodverlichting opgenomen (zie schema 1). Van der Horn: “In artikel 6.24 staat onder andere dat een bouwwerk een vluchtrouteaanduiding moet hebben in iedere ruimte waardoor een verkeersroute voert, en in iedere ruimte die bedoeld is voor meer dan vijftig personen.”
NEN 3011 – waarin NEN 6088 (ingetrokken in januari 2013) – stelt eisen aan de gebruikte kleuren en symbolen (pictogrammen) van vluchtrouteaanduidingen. In NEN-EN 1838 komen eisen aan bod ten aanzien van luminantie en luminantieverhoudingen. Van der Horn: “Zo moet de luminantie van elk deel van de veiligheidskleur van de vluchtrouteaanduiding minimaal 2 cd/m2 bedragen in alle relevante kijkrichtingen. Verder staat er in dit artikel dat een vluchtrouteaanduiding binnen vijftien seconden na de stroomuitval, gedurende ten minste zestig minuten, aan de zichtbaarheidseisen van NEN-EN 1838 moet voldoen.”

Gelijkwaardigheidsprincipe

Voor alle duidelijkheid: kunnen bedrijven of organisaties op een andere manier aantonen dat de situatie voldoende veilig is, dan treedt het gelijkwaardigheidsprincipe van het Bouwbesluit in werking. Van der Horn vervolgt: “Een aantal regelingen, waaronder het Bouwbesluit 2012, wordt opgenomen in de Omgevingswet, die nu in ontwikkeling is. Binnen deze wet zullen de eisen uit het Bouwbesluit verdergaan als ‘Besluit Bouwwerken Leefomgeving (Bbl)’. De eisen blijven grotendeels hetzelfde. Maar er zal enige aanpassing plaatsvinden, ook ten aanzien van noodverlichting. De normen zullen beter op elkaar afgestemd worden.”

Zichtbaarheidseisen

Een voorbeeld? Nieuwe bouwwerken moeten voldoen aan NEN 3011, waarin noodverlichting genoemd wordt. Voor bestaande bouwwerken gold NEN 6088 (nu ingetrokken). In deze norm stond, in tegenstelling tot NEN 3011, niets over zichtbaarheidseisen. Hiervoor was NEN-EN 1838 nodig. In het Bbl worden NEN 6088 en NEN 3011 bijeengebracht.” Tot slot kaart Van der Horn nog een interessante discussie aan die zich afspeelt in het ‘land’ van noodverlichting.

Glow-in-the-dark

Van der Horn: “Het gaat over pictogrammen die in het donker licht geven en gebruik maken van fotoluminescente pigmenten, ook wel glow-in-the-dark genaamd. Ze geven licht af zodra het donker wordt. Het nadeel is dat de verlichting minder fel is. De eis of norm zegt dat verlichting een uur lang op volle sterkte zichtbaar moet blijven. De glow neemt echter langzaam af. Ook zijn de kleuren vaak niet volgens de norm. Maar omdat dit licht meteen zichtbaar is, kan het een goede aanvulling zijn op de reguliere vluchtrouteaanduiding. Kortom, hier is het laatste woord nog niet over gezegd.”

Lees ook:

Noodverlichting: Nieuwe pictogrammen zorgen voor verwarring
Nu-Swift gaat noodverlichting VanLien onderhouden
Netwerk voor specialisten noodverlichting van start

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels