artikel

Aarden en vereffenen volgens NEN 1010

elektrotechniek

Als elektrotechnici niet exact het verschil weten tussen aarding en vereffening, wordt het erg ingewikkeld om op grond van de NEN 1010 de juiste beslissingen te nemen, stelt Peter Treffers van Elektroraad.

Aarden en vereffenen volgens NEN 1010
Foto: Elektroraad

“Er is veel onbegrip over aarden en vereffenen,” zegt Peter Treffers, directeur Elektroraad en Spreekrecht en docent van onder meer de cursus ‘Aarding en vereffening volgens NEN 1010’.

Drie soorten leidingen

Een aantal problemen ligt hieraan ten grondslag. “Er zijn drie soorten leidingen waar in de praktijk onbegrip over bestaat: aardleidingen, beschermingsleidingen en vereffeningsleidingen. De NEN 1010 heeft deze keurig in aparte rubrieken ondergebracht. Echter, het is zodanig ambtelijk beschreven dat inhoud noch structuur duidelijk wordt voor elektrotechnici. Bovendien staat er ook een aantal fouten in de NEN 1010, die niet aan de oppervlakte komen, juist door de ingewikkelde taal die wordt gebruikt.”

Ontbreken van kennis

Een ander aspect is het ontbreken van kennis in de markt. Treffers: “Op dit moment wordt bij de meeste beroepsopleidingen weinig aandacht besteed aan de NEN 1010. De jonge generatie technici heeft nauwelijks notie van deze norm, wat betreft opgedane theoretische kennis. Er wordt namelijk vanuit gegaan dat ze deze kennis in de praktijk kunnen opdoen. Dit is enigszins plausibel. Want dan moet de praktijk exact weten van de hoed en de rand en dat is vaak niet het geval. Onbegrip wordt op die manier in stand gehouden. Zonder het onderscheid tussen aarden en vereffenen te weten, doen technici het wellicht al jaren goed. Dit omdat het hen juist is aangeleerd, maar het kan evengoed betekenen dat ze het altijd al verkeerd hebben gedaan; zonder het te beseffen.”

Kerndoorsnede

Het gebrek aan kennis leidt meestal niet tot gevaarlijke situaties. “Wanneer een installateur het verschil tussen vereffenen en aarden niet weet, zal hij mogelijk de kerndoorsnede verkeerd berekenen, waardoor deze vaak dikker is dan noodzakelijk. Dit leidt echter niet tot een verhoogd veiligheidsrisico. Daarom is het vooral een psychologisch probleem. Het verschil tussen vereffenen en aarden is vaak onderwerp van discussies zonder eind.”

Risico’s

Toch is er een aantal situaties waar het wel degelijk risico’s met zich kan meebrengen. Treffers: “Neem nou de twee verschillende aardingsstelsels in Nederland: het TN-stelsel en het TT-stelsel. Als je niet zoveel verstand van aarden en vereffenen hebt, kan het voorkomen dat je een TN-stelsel als TT aansluit of omgekeerd, en dat kan een gevaarlijke situatie opleveren. Het gebeurt daardoor wel eens dat installaties niet geaard zijn en dat is levensgevaarlijk. Dat komt gelukkig niet vaak voor.”

Datacentra

Goede kennis over dit onderwerp is in verschillende situaties meer dan wenselijk, stelt de directeur van Elektroraad. Hij geeft een voorbeeld. “Regelmatig worden veiligheids- en functionele voorzieningen niet uit elkaar gehouden. In datacentra zitten bijvoorbeeld vaak computervloeren die worden vereffend. De vereffening gebeurt omdat de computer anders mogelijk niet werkt. In de praktijk worden verbindingen in computervloeren gemaakt met geel-groene aders. Maar dat is in strijd met de NEN 1010, aangezien de norm voorschrijft dat alleen veiligheidsaardingen groen-geel mogen zijn en functionele aardingen niet. In Nederland is naar schatting in ongeveer negentig procent van de computercentra de functionele aarding groen-geel.”

Vreemd

“Als het gaat om deze materie blunderen we met andere woorden op drie vlakken”, gaat Treffers verder. “De kerndoorsnede wordt niet correct berekend, het aansluiten gaat soms mis evenals de kleurkeuze. En dat is natuurlijk vreemd voor een onderdeel dat in elke elektrische installatie voorkomt. Het blijft een gekke gedachte dat sommige installateurs dit iedere keer opnieuw niet begrijpen en toch iedere keer weer opnieuw iets doen.”

Voorbeeld aarden en vereffenen

Treffers geeft nog een laatste voorbeeld over dit onderwerp, dit keer met betrekking tot oude installaties. “Installateurs moeten altijd beseffen dat zaken in oude installaties anders zijn geregeld dan in nieuwe. Wanneer een installateur in een oude installatie de tijden voor automatische uitschakeling van de voeding aan de nieuwe voorschriften laat voldoen, moet hij blijven beseffen dat het vroeger op een andere manier werd gedaan en de veiligheid op een andere manier tot stand werd gebracht dan tegenwoordig. Die twee methoden zijn niet zomaar door elkaar te gebruiken.”

Tips en tricks

Wat kan de installateur doen om het onderscheid te beheersen? “Een eerste tip is een voor de hand liggende: wees altijd voorzichtig. Bij twijfel is het belangrijk om niet zomaar wat te doen, maar om te rade te gaan bij een expert. Installatiebedrijven zouden eigenlijk een route moeten hebben die installateurs in geval van twijfel moeten kunnen volgen, zodat ze weten waar of op wie ze beroep kunnen doen. Het is helemaal niet erg als je honderd man in dienst hebt, en ze weten niet allemaal tot in de puntjes hoe het zit. Wel is aan te raden om minstens één expert in dienst te hebben die exact het onderscheid tussen aardingen en vereffening kent en die de ambtelijke taal van de NEN 1010 begrijpt. Indien nodig kan hij cases verder onderzoeken en anderen in normaal Nederlands verder instrueren. Die inhaalslag moeten sommige installatiebedrijven nog maken. Het spreekt voor zich dat het essentieel is om altijd veilige installaties te kunnen maken.”

Professionele uitstraling

Een goed begrip zorgt voor een professionele uitstraling van het bedrijf. “Als je als installateur exact weet waarover je het hebt, worden twijfels steevast de kop in gedrukt, ellenlange discussies zijn er niet meer en mocht een klant naar de functie van de bedrading vragen, dan zorgt een gedegen uitleg ook meteen voor een goed imago. In het land der blinden is eenoog koning, en dat geldt ook voor dit onderwerp.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels