artikel

Installateurs testen invoer voor groepenverdelers

elektrotechniek

“De volgende keer zal ik waarschuwen dat je een handdoek mee moet nemen”, grapt Barry van der Zande tegen installateur John Hendriks (Hendriks Elektrotechniek). En inderdaad de installateurs moesten flink aan de slag tijdens de co-creatiemiddagen die Hager in maart hield.

Installateurs testen invoer voor groepenverdelers

Door Ferdinand Pronk

Het was een vervolg op een eerdere sessie. Toen konden installateurs vertellen welke problemen ze bij het monteren van groepenverdelers tegenkomen. Nu testten ze de prototypes van buisinvoer en hulpmiddelen die het bedrijf naar aanleiding van hun input ontwikkelde.

Werken met groepenverdelers

Tijdens de eerste bijeenkomst bij RDM-makerspace vertelde een groep installateurs waar ze tegenaan lopen bij het werken met groepenverdelers. In bestaande woningen is er bijvoorbeeld vaak erg weinig ruimte en wordt er gewoekerd op de vierkante centimeter, ergens boven een keldergat. Tijdens die bijeenkomst werden faciliteiten van de makerspace ingezet. Bijvoorbeeld door een ontwerp dat groepen installateurs bedachten, 3D te tekenen en printen. Die ontwerpen zijn de afgelopen tijd doorontwikkeld en tijdens een tweede serie bijeenkomsten als testproducten beschikbaar. Tientallen installateurs kwamen testen tijdens speciale sessies en het Hager Café.

Laag en heel laag

Tijdens de sessies staat een aantal driehoekige displays in een instructieruimte. Aan alle zijden zitten Vision groepenverdelers geschroefd, nog zonder bovenstukken. Want daar heeft Hager verschillende varianten voor ontwikkeld. De kast is nog niet bedraad: bovenin komen de montagedraden uit een rijtje buizen. Die zitten zo realistisch mogelijk gemonteerd, met een pijp strak tegen de planken en beugels en pijpen strak tegen elkaar. Het plafond zit in de eerste situatie laag (9 centimeter) boven de verdeler en in de tweede situatie zeer laag (4 centimeter). Van der Zande nodigt de installateurs uit om hun gereedschapskist te pakken en de nieuwe hulpmiddelen uit te proberen.

Handig of niet

De installateurs vragen in het begin voorzichtig toestemming om voorgestanste noppen uit de 3D-geprinte onderdelen te halen. Als blijkt dat ze hun gang kunnen gaan, zetten ze waar ze dat nodig vinden overal rigoureus de tang in. Iman Weststrate (Weststrate Elektro) pakt zonder aarzelen zijn elektrische schroevendraaier en haalt de verdeler van de muur. Dat vindt hij makkelijker werken. Hij verbaast zich dat de externe aardedraad links van de kast zit, terwijl dat in Zeeland vanwege voorschriften van de energieleveranciers altijd rechts is. Intussen geeft John Hendriks bij het aangrenzende paneel uitgebreid commentaar. De kleine schroefjes vindt hij ‘uit de tijd van de Batavieren’. Ook onderling gaan ze de discussie aan. Waar Weststrate een hulpstuk niet handig vindt omdat buizen meestal veel te dicht bij elkaar zitten om het goed te kunnen gebruiken, kan Hendriks niet wachten tot het leverbaar wordt.

Hulpmiddelen

Terwijl de installateurs aan het ‘werk’ zijn, worden ze nauwgezet gadegeslagen door Carsten Kus (product line manager) en Patrick Kunz (design engineer). Ze zijn vanuit de Duitse ontwikkelingsafdeling gekomen om te zien hoe de hulpmiddelen die ze ontwikkelden worden gebruikt: hoe pakken installateurs de klus aan, gebruiken ze de hulpmiddelen intuïtief op de goede manier en snappen ze direct dat er een klemstrook is opgenomen, waarmee ze draden kunnen verlengen.

Buizen te kort of te lang

Van der Zande stelt praktische vragen: “Wat doe je als de buizen te kort zijn (sok erop zetten of een stukje eroverheen schuiven). En wat als ze te lang zijn (afzagen of een schaar gebruiken). Er wat doen ze om een externe draad voor de aarding door te voeren. Ze breken een stukje van de kast of boren een gaatje. Daarachter zetten ze een blokje.

Slim inschuifstukje

De Hagermannen toveren vervolgens een slim inschuifstukje tevoorschijn, waarmee je de aansluiting zonder boren kunt maken: je schuift de draad er zo in. “Echt heel handig”, vinden de installateurs, “Zo houden we geen werk meer over”, lacht een ander. Vervolgens wil Van der Zande weten of Hager zo’n onderdeel standaard met de kast moet meeleveren, of als bij te bestellen accessoire. Dat laatste heeft de voorkeur: “Dan leg ik er een paar in mijn bus en gebruik ze als het handig is.” Voor Hager is het nuttige informatie: “Tot voor kort waren we niet zo kritisch in wat we meeleverden. Dat irriteerde sommige installateurs: af en toe kregen we een zak met ongebruikte onderdelen retour.”

Uit de 3D-printer

Voor opstellingen met zeer weinig ruimte boven de verdeler heeft Hager een slim deksel voor de kast bedacht, met daarin uitsparingen voor de buizen. Er zijn verschillende oplossingen uit de 3D-printer gekomen, die uitgebreid worden getest en besproken. Ze zijn voorzien van modulaire hulpstukken. De installateurs bespreken ze gepassioneerd. Wat is het handigst, hoeveel draden moet je kunnen doorverbinden en wat is de meerwaarde als je onderdelen op het railtje kan verschuiven? De designers stellen vragen en pakken direct hun schetsboek erbij. De komende tijd gaan ze de ontwerpen aan de hand van de tips verder optimaliseren en kiezen welke onderdelen uiteindelijk in het pakket komen. Van der Zande verwacht ze eind 2019 te kunnen leveren.

Reageer op dit artikel