artikel

Inspectie elektrische installaties: waar moet je op letten?

elektrotechniek

Elektrische installaties moeten altijd veilig blijven voor de gebruiker. Vanuit de NEN 1010-clausule die onlosmakelijk is verbonden met de opstalverzekering voor bedrijfspanden, is er vaak een verplichting om elektrische installaties eens in de zoveel tijd te inspecteren. Waar moet je op letten bij dergelijke inspecties? Nico Kluwen, dagvoorzitter van de kennismiddag Inspectie elektrische installaties, geeft vijf concrete tips.

Inspectie elektrische installaties: waar moet je op letten?

Door Evi Husson

1) Houd rekening met de inspectieclausule in de opstalverzekering

Sinds eind 2017, (bij verschijning van de NTA 8220, de nieuwe inspectienorm brandveiligheid e-installaties) zijn verzekeraars steeds meer richtingbepalend als het gaat om inspectie van elektrische installaties. Verzekeraars hebben vaak in de opstalverzekering een clausule opgenomen waarin wordt genoemd dat de elektrische installatie eens in de drie of vijf jaar moet worden geïnspecteerd. Doet een bedrijf dit niet en er breekt brand uit, dan kan dit voor de verzekeraar een aanleiding zijn om niet uit te keren. Er zal dan eerst moeten worden aangetoond dat de brand niet door de elektrische installatie is veroorzaakt. “Dit aspect wordt steeds belangrijker en er lopen op dit moment veel rechtszaken rond dit onderwerp”, stelt Nico Kluwen, manager van de afdeling Inspectie bij Nimirco en dagvoorzitter van de kennismiddag inspectie van Elektrische Installaties.  “Daarnaast staat in deze clausule vaak volgens welke norm moet worden geïnspecteerd: de NTA 8220, de NEN 1010 of de NEN 3140. Belangrijk is dat de inspecteur vóór een inspectie bij de opdrachtgever informeert waarom hij een inspectie wil, of er speciale eisen zijn en welke voorwaarden in de verzekeringsclausule staan vermeld. Op die manier kan hij veel gerichter inspecties uitvoeren.”

Tip van de redactie: Op 23 januari houdt Installatiejournaal de kennismiddag Inspectie van elektrische installaties.  Tijdens deze bijeenkomst komen de laatste ontwikkelingen en mogelijkheden rond inspectie van elektrische installaties aan bod.

Afbakening

2) Zorg voor een heldere afbakening

Opdrachtgevers hebben soms een ander beeld van wat er onder de inspectie valt. “Wanneer een elektrische installatie wordt geïnspecteerd, gaat het om een inspectie exclusief het machinepark of de aangesloten apparaten. Het komt regelmatig voor dat opdrachtgevers denken dat alles is inbegrepen. Om discussie te voorkomen is het belangrijk al in de offerte aan te geven wat je wel doet en wat is uitgesloten van inspectie.  Er is een groot prijsverschil of je alles moet doen of een gedeelte.”

Het is aan te bevelen dat de inspecteur voorafgaand aan de inspectie even informeert naar de toegankelijkheid van de ruimtes

Praktische onmogelijkheden

3) Ga na of er praktische onmogelijkheden zijn

“Regelmatig komt het in de praktijk voor dat een inspecteur niet alle noodzakelijke inspecties kan uitvoeren tijdens zijn inspectieronde. Ruimtes zijn bijvoorbeeld niet toegankelijk door vergaderingen, een deel van de installatie moet spanningsloos worden gemaakt terwijl dit tijdens de werkuren niet mogelijk is, enzovoort. In deze gevallen zal de inspecteur duidelijk moeten vermelden in het inspectierapport welke ruimtes om welke reden niet zijn geïnspecteerd. Met de eigenaar zal vervolgens moeten worden overlegd of de inspecteur op een andere dag terugkomt wanneer de ruimtes wel beschikbaar zijn. Een eigenaar die voorstelt om zonder inspectie deze ruimtes op papier goed te keuren, is uiteraard geen optie.
Om discussies of gedoe te voorkomen, is het aan te bevelen dat de inspecteur voorafgaand aan de inspectie even informeert naar de toegankelijkheid van de ruimtes, of er installaties spanningsloos moeten worden gemaakt en of een inspectie buiten de reguliere werktijden is gewenst. Dit zorgt voor structuur en toont bovendien het professionalisme van de inspecteur.”

Inspectietools

4) Let op een goede uitvoering van de inspectie – ken je inspectietools

“Doorgaans is het helder wat moet worden geïnspecteerd.  Voorafgaand aan de inspectie is het belangrijk dat je weet of de inspecties met de juiste apparatuur worden uitgevoerd. Zijn ze gekalibreerd? De meetinstrumenten zijn de laatste jaren steeds geavanceerder en je kunt er steeds meer mee. Je moet met andere woorden over voldoende kennis van de meetinstrumenten beschikken zodat je ze op de juiste manier gebruikt en je de resultaten op de juiste manier interpreteert.”

Brandgevaar

5) Onderneem actie indien nodig

Inspecteurs moeten zich bewust zijn van het brandgevaar dat een elektrische installatie kan veroorzaken. “Je kunt een isolatiefout vaststellen, maar je moet daarbij ook weten dat een kleine fout grote gevolgen kan hebben.” Kluwen geeft een concreet voorbeeld. “Het is wel eens voorgekomen dat een inspecteur tijdens een thermografisch onderzoek op zijn warmtebeeld zag dat er een overbelasting aanwezig was. De inspecteur verliet vervolgens het pand om op kantoor zijn bevindingen te documenteren in een rapport. Echter, nog vóór hij zijn rapport kon voorleggen aan de eigenaar, was het pand afgebrand. Hij had de eigenaar niet meteen ingelicht dat deze meteen actie moest ondernemen. Een verzekeraar zal de inspecteur in dit geval zeker benaderen aangezien van een inspecteur wordt verwacht hij weet welke brandrisico’s aanwezig zijn bij het vaststellen van afwijkende meetresultaten. Kortom: Breng de eigenaar altijd meteen op de hoogte brengen van de situatie en stel indien nodig een deel van de installatie buiten werking wanneer een situatie onveilig is. Wacht hiermee niet tot de rapportage.”

Reageer op dit artikel