partner nieuws

Fotonica mag nooit te licht worden opgevat

installatiebranche

Het gebruikmaken van licht om informatie door te geven is geen nieuw concept. Al sinds de jaren 60 van de vorige eeuw wordt nagedacht over toepassingen met fotonica. Maar waar staat de technologie op dit moment en wat kunnen huidige toepassingen en toekomstige ontwikkelingen in fotonica betekenen voor de e-installateur?

Fotonica mag nooit te licht worden opgevat

De komst van microchips zette halverwege de twintigste eeuw een revolutie in gang die de wereld op ongelooflijke wijze veranderde: voor allerlei denkbare zaken worden inmiddels computers gebruikt. “Een vergelijkbare revolutie zal zich de komende decennia voltrekken door de toepassing van geïntegreerde fotonica”, stelt professor Ton Backx van de Technische Universiteit Eindhoven, die hier op 30 maart tijdens een KIEN-bijeenkomst in Eindhoven over sprak. Op deze door TU/e mogelijk gemaakte bijeenkomst over geïntegreerde fotonica voor installatiebedrijven, hield hij een betoog over de technologie die nu langzaam de academische fase begint te ontgroeien. Door lichtdeeltjes (fotononen) te transporteren in plaats van een elektronenstroom, kan nog veel sneller informatie van A naar B verplaatst worden, wat noodzakelijk is omdat de grenzen van de huidige datatechnologie in zicht komen. “Transistors kunnen maximaal snelheden tot 100Gbit/s bereiken, terwijl op laboratoriumschaal al datasnelheden tot 256 Tbit/s zijn gedemonstreerd”, vertelde Backx.

Weg met het stopcontact!
Backx legde uit dat door recente ontwikkelingen fotonisch geïntegreerde circuits geproduceerd kunnen worden. De impact voor datacommunicatie en sensoren wordt daardoor binnen enkele jaren voelbaar, wat de installatiesector in al zijn vezels gaat merken. “Er komt weldra een moment dat woningen geen stopcontacten meer geplaatst krijgen”, waarschuwde de professor.

Dat het echt niet louter om theorie draait binnen fotonica, werd bewezen door de praktijkverhalen die op de visionaire uiteenzetting van Backx volgden. Zo wordt door netwerkleveranciers binnen ‘fibre to the home’ glasvezelprojecten al op succesvolle wijze gebruikgemaakt van fotonica, toont Hans Crijns, mede-oprichter en productmanager van Genexis. Alleen voor de consumentenmarkt zijn de toepassingen nog te duur en dat geldt voor meer systemen.

Maar op de zakelijke markt is fotonica al een kracht om serieus rekening mee te houden. Zo laat directeur en oprichter Pim Kat van het bedrijf Technobis uit Eindhoven zien dat meetsystemen dankzij geïntegreerde fotonica veel kleiner en compacter kunnen worden, waarmee ook de prijs sterk daalt. Fotonica is binnen business-to-business al dermate kosteneffectief dat het als sensorsysteem standaard in windmolens geïntegreerd kan worden.

Nu handen uit de mouwen, mogelijkheden zijn eindeloos
Hoe je het ook bekijkt, de relevantie van fotonica is nu al enorm. Niet voor niets werd de op de presentaties volgende discussie op de bijeenkomst door deelnemers als veel te kort ervaren. Daarom gaat KIEN komende tijd nog meer investeren in het vooruitkijken naar de nieuwe wereld waarin ontwikkelingen versnellen en de rol van de installatiebranche verandert. Installateurs, productontwikkelaars, opdrachtgevers, docenten en studenten van de TU/e zullen nu samen concepten gaan ontwikkelen; in eerste instantie voor de zakelijke markt, maar later ook voor consumenten.

De installateur oude stijl verandert. ‘As a service’ werken is voortaan het devies, wat inhoudt dat nog beter naar de klant geluisterd moet worden om te weten wat hij voor de toekomst echt nodig heeft. Dankzij de TU/e kan KIEN een belangrijke rol spelen bij het naar de praktijk brengen van de voortrekkersrol die de universiteit in de academische wereld op gebied van fotonica geniet. Daarbij valt aan toepassingen te denken als betere bewaking door gebruik van sensoren, optimalisatie van installaties dankzij big data, en apparaten voorzien van draadloze energie. Sterk punt van de installateur is het direct in contact staan met de eindklant, waardoor het mogelijk is het probleem bij de bron op te sporen. Omdat productontwikkelaars en academici niet over deze luxe beschikken, kan KIEN hierbij een brug slaan.

Reageer op dit artikel