partner nieuws

De installatiebranche verlost Nederland van zijn calimerocomplex

installatiebranche

Met name als Nederlandse sporters of sportteams het tijdens belangrijke evenementen laten afweten, komt het weer om de hoek kijken: het onszelf aangeprate calimerocomplex. Wat we doen is heel prijzenswaardig en knap, maar laten we wel zijn, we zijn geen Amerika, Duitsland of Frankrijk. Dus meespelen met ‘de grote jongens’ is eigenlijk onrealistisch, nietwaar?

De installatiebranche verlost Nederland van zijn calimerocomplex

Die mentaliteitskwestie maakt dat we op het moment suprême er niet staan, terwijl er feitelijk geen reden is om te twijfelen aan het eigen kunnen. In een scherpe column die Volkskrant-scribent Bert Wagendorp onlangs schreef, verwees hij naar de onfortuinlijke val van Steven Kruiswijk in de Giro d’Italia, als voorbeeld van de handicap die Nederlandse sporters keer op keer zouden belemmeren.

Wagendorp stelde dat het hem opviel dat buitenlandse sporters, met name die uit de Verenigde Staten, hun wedstrijden heel anders benaderen. Zij voelen zich gesteund door de gehele natie en halen kracht uit een welhaast aangeboren superioriteitsgevoel, terwijl Nederlanders gewend zijn geraakt om aan het eigen kunnen te twijfelen, mede omdat er altijd kritiekgeluiden worden geuit.  Dat maakte dat Kruiswijk bij voorbaat een achterstand aan het verdedigen was. Het kleine stuurfoutje in de Italiaanse sneeuw zou mede kunnen zijn ontstaan door die altijd bestaande twijfel. Al is die vreemde onzekerheid misschien wel aan het verdampen, gevoed door de recente eclatante successen van jonge sporters als Max Verstappen, Kiki Bertens en Michael van Gerwen.

Brugfunctie staat centraal tijdens Innovatiecongres
Nu zijn installateurs geen sporters, maar wel heb ik gemerkt dat de voorbije jaren ook in de installatiebranche, net als in de maatschappij als geheel, het gevoel van trots toeneemt. En dat is zeer welkom, aangezien er een flink aantal prachtige ontwikkelingen plaatsvinden waarin de installateur een cruciale rol speelt. Neem bijvoorbeeld de opkomst van fotonica en het Internet of Things; deze technologieën, die de manier waarop wij met apparaten omgaan drastisch veranderen, komen alleen tot hun volle wasdom als installateurs ze op de juiste manier installeren en integreren. Daarom is het ook zo essentieel dat we met z’n allen de mogelijkheden van deze technologie kennen, deze kunnen uitleggen aan derden en gaan nadenken over hoe we een link kunnen leggen tussen theorie en praktijk (wat we uitgebreid gaan doen tijdens het KIEN Innovatiecongres op 9 juni in de DeFabrique in Utrecht!).

Het is bijvoorbeeld zonde dat nog relatief weinig mensen beseffen hoe ver we in Eindhoven zijn met fotonica. Het is een technologie waarmee we één van de wereldspelers in IT kunnen worden, bij wijze van spreken het Silicon Valley van de Lage Landen. Vergis je niet, de Verenigde Staten zien ons als een echte bedreiging, omdat we over een voorsprong van twee jaar beschikken. Daar móet je wel trots op zijn, want alleen met die instelling is het ook mogelijk om zo’n voorsprong vast te houden. We moeten met elkaar de ambitie hebben om hierin constant een 9 te scoren en niet tevreden te zijn met 6’jes.

Waar de TU/e nu mee bezig is, daarvan kan het nog jaren duren voordat de gevolgen overal in de maatschappij zichtbaar en merkbaar zijn. Zo gaat het vaker met technologie: tussen de uitvinding van stoomenergie en het gebruik hiervan op grote schaal met stoomtreinen, zat een dikke 100 jaar. Nu worden veranderingen in de moderne mondiale informatie-economie gelukkig sneller doorgevoerd, maar daarvoor is wel een goede link tussen de academische wereld en de maatschappij nodig. Driemaal raden wie deze koppeling kan verzorgen!

Tweeweg verbinding
Installatie zit overal en omdat de installateur daardoor ook overal komt, kan hij een hoop geluiden opvangen van actuele vraagstukken die voor consumenten en bedrijven spelen. Daarom werkt het lijntje met de universiteiten ook twee kanten op: niet alleen zijn installateurs nodig om een vertaalslag te maken van de technologie uit het lab naar bruikbare toepassingen, ook verzorgen zij voor de kennisinstellingen de input die we nodig hebben om een focus aan te brengen binnen het onderzoek.

Deze wisselwerking maakt dat KIEN niet alleen met meerdere technologische universiteiten de verbinding zoekt om concepten te kunnen ontwikkelen rond nieuwe technologieën die zich aandienen. Ook de Tilburg University, gespecialiseerd in mens- en maatschappijwetenschappen, is voor ons belangrijk.

Voelbare maatschappelijke relevantie
Marktadoptie vraagt namelijk om meer dan techniek; ook de sociale aspecten van verandering spelen een gewichtige rol. Alleen zo kunnen we de impact van onze werkzaamheden laten groeien en met het enthousiasme hierover nieuwe aanwas voor de installatiebranche vanuit de opleidingen aanjagen. Veel geld verdienen is voor veel studenten niet meer het allerbelangrijkst, wel om maatschappelijk iets te betekenen. Daarvoor zijn ze bij deze branche, die Nederland helpt trotser te worden, bij het juiste adres.

Reageer op dit artikel