In Nederland woedt dagelijks gemiddeld één gebouwbrand waarbij de oorzaak (mede) ligt in een verkeerd gebruik van de elektrische installatie, waaronder defecte of verouderde elektra, overbelasting van wandcontactdozen én zonnepanelen. Sterker nog: het is brandoorzaak nummer 1 in Nederland, zo blijkt uit onderzoek van Brandweer Nederland en het CBS. En volgens Jacco Houtman, inspecteur bij Scope Keuringen Nederland, is dat nog een voorzichtige inschatting. “Ik durf met zekerheid te zeggen dat ik de afgelopen jaren meerdere potentiële branden heb voorkomen”, vertelt hij. “En dat komt niet doordat ik zo bijzonder ben, maar omdat de installaties die ik aantref met enige regelmaat simpelweg niet op orde zijn.”
Scope
Scope-keuringen – in het bijzonder Scope 10, gericht op brandveiligheid van elektrische installaties – worden steeds vaker verplicht door verzekeraars. Toch zijn er nog talloze gebouwen, van scholen tot bedrijven en van horeca tot kerken, waar nooit iemand objectief heeft gekeken naar de staat van de elektrische infrastructuur. De risico’s zijn aanzienlijk, zeker in oudere gebouwen of panden met een dynamisch gebruik. Houtman ziet het dagelijks: “Het gros van de gebreken komt neer op basisfouten. Dingen die een goed opgeleide installateur nooit zou doen.”
Hobbymatig
Ze laten broddelwerk achter met torenhoge kosten voor de klant”
Dat laatste vormt meteen de kern van het probleem, stelt Houtman onomwonden. Elektrotechniek is in Nederland nog steeds geen beschermd beroep. Iedereen mag zichzelf installateur noemen. Volgens Houtman zie je dat terug in de praktijk. “Je komt werk tegen van hobbymatige elektriciens, mensen zonder opleiding die denken dat ze wel even een verdeelkast kunnen aansluiten. Maar ze missen normkennis, veiligheidsinzicht en ervaring. Zie bijvoorbeeld de zelfbenoemde elektriciens die op Google te vinden zijn; ze laten broddelwerk achter met torenhoge kosten voor de klant.”
Reëel brandgevaar

Het gevolg: verdeelkasten met loszittende klemmen, aansluitfouten, onvoldoende beveiligingen zoals het ontbreken van een aardlekschakelaar, of simpelweg materiaal dat niet is ontworpen voor de omstandigheden waarin het wordt toegepast. “Ik moet regelmatig delen van een installatie direct uitschakelen omdat er reëel brandgevaar is. Dan praat je niet over kleine afwijkingen, maar over situaties die letterlijk kunnen vlamvatten.”
Vooral de opkomst van plug-and-play-materialen in de installatiebranche baart hem zorgen. “Het wordt eigenlijk té makkelijk gemaakt. Flexibele kabelsystemen, stekkerbare oplossingen: het lijkt alsof iedereen installateur kan zijn. Maar ik heb genoeg vloeren moeten openbikken, waar plug-and-play toch fout is gegaan. Fouten kunnen nog steeds gemaakt worden, en dan is er niemand die ze opmerkt tot het misgaat.”
Geen rode pen
Waar bij Scope 12-keuringen (zonnepaneleninstallaties) het accent ligt op technische veiligheid, draait Scope 10 om brandveiligheid van de totale elektrische installatie. Het gaat dus om risico’s als; overbelasting, verouderde beveiligingscomponenten, verkeerde aansluitingen, thermische belasting en verkeerde materialen op verkeerde plekken.
Houtman benadrukt dat hij niet als een soort normpolitie te werk gaat. “Wij staan niet met een rode pen te kijken of alles exact volgens NEN 1010 is aangelegd. Wij zijn wel heel nieuwsgierig en willen het naadje van de kous weten, en we werken risico-gestuurd. Wat zijn de kansen en impact van een fout? Waar kan brand ontstaan? En wat moet er gebeuren om dat risico te minimaliseren? Want uiteindelijk willen ook wij een veilige situatie voor iedereen.” Die benadering werkt, en wordt door verzekeraars gewaardeerd, maar ook steeds vaker door opdrachtgevers zelf.
Na de recente nieuwjaarsbrand in de Vondelkerk in Amsterdam - en kort daarop het dramatische café-ongeluk in Zwitserland – zag Houtman het aantal aanvragen oplopen. “Er ontstaat dan een schrikreactie. Binnen een week mocht ik drie cafés inspecteren. Dan merk je dat bewustwording vooral groeit als het ergens misgaat.”
Kerken in Veenendaal
Eén van de meest bijzondere opdrachten die Houtman onlangs eveneens mocht uitvoeren, vond plaats in zijn eigen woonplaats Veenendaal: de Scope 10-inspectie van vijf kerken, stuk voor stuk historische gebouwen. De oudste dateert uit 1716, andere uit de late achttiende en negentiende eeuw. “Het mooiste eraan was dat ik het historische erfgoed van dichtbij mocht bekijken”, vertelt hij. “Boven de gewelven liggen enorme houten dakconstructies. Fantastisch om te zien, maar ook een enorm risico als je naar brandveiligheid kijkt.”
Hout en elektriciteit vormen een risicovolle combinatie. Zeker wanneer de elektrische installatie in de loop der jaren is uitgebreid door verschillende generaties installateurs en vrijwilligers. De kerken waren in de jaren zestig deels gerenoveerd: de oude, stoffen bedrading was weliswaar verdwenen, maar moderne techniek had zijn eigen uitdagingen meegebracht.
Grote brandbelasting
“Je kijkt anders naar veiligheid in zo’n gebouw”, legt Houtman uit. “Een kerk is groot, heeft vaak veel verlengsnoeren, tijdelijke aansluitingen, oude verdeelkasten en soms componenten die nooit bedoeld zijn voor algemeen gebruik. Een fout in zo’n ruimte kan door de grote brandbelasting enorm snel escaleren.”
Wat hij aantrof, varieerde van ontbrekende aardlekschakelaars tot beveiligingen die niet geschikt waren voor het actuele gebruik. “Het waren geen schokkende aantallen, maar wel punten waarvan je zegt: dit had in de afgelopen jaren risico’s kunnen geven.” In sommige kerken vond hij één of twee echte afwijkingen; in andere meer, afhankelijk van hoe recent er was gerenoveerd of uitgebreid.
Verlengsnoeren

Een veelvoorkomend probleem waren de verlengsnoeren. “Dat lijkt klein, maar in twintig jaar tijd groeit een techniektafel, komt er apparatuur bij, en voor je het weet hangt de halve installatie aan vier verlengsnoeren achter elkaar. Dat is geen brandveilig gebruik. De oplossing is vaak simpel: meer vaste wandcontactdozen aanbrengen.”
De gemeente Veenendaal reageerde volgens Houtman bijzonder positief. “De gemeente was blij dat de inspectie is uitgevoerd. Het was bekend dat er door de jaren heen aanpassingen waren gedaan, maar niet precies wat of door wie. Nu is er duidelijkheid én een plan om voor de komende twintig jaar weer veilig verder te kunnen.”
Kennisniveau
Houtman is ondanks zijn nog jonge leeftijd – 35 jaar - uitgesproken over het kennisniveau in de installatiebranche. Niet omdat hij wil afrekenen, maar omdat hij ziet dat er structureel iets misgaat. “Het niveau van de opleidingen is anders dan toen ik 15 jaar geleden begon. Jongeren die net van de technische opleidingen komen, missen basiskennis. Ze weten niet wat normkennis betekent. En zonder die basis kun je geen veilige installatie aanleggen.”

De gevolgen zijn terug te zien in de dagelijkse praktijk van hem als inspecteur: installateurs die niet weten hoe een verdeelkast moet worden geclassificeerd, die onbekend zijn met foutstromen, of die verbaasd kijken wanneer een inspecteur de norm noemt. “Als ik zeg dat een bepaalde beveiliging niet voldoet aan de selectiviteitseisen, is de reactie soms: waar heb je het over? Dat is soms behoorlijk frustrerend, want dit zijn basisbegrippen die je op school of een cursus hebt geleerd.”
Toch ziet hij óók de andere kant: installateurs die graag leren, die openstaan voor samenwerking, en die gezamenlijke inspecties als waardevol zien. “Dat zijn de relaties waar ik energie van krijg. Met een bak koffie erbij kijken we samen naar de installatie. Niet om fouten aan te wijzen, maar om te begrijpen hoe we tot de beste oplossing komen.”
Bewustwording
Voor Houtman draait alles uiteindelijk om bewustwording, zowel bij installateurs als bij gebouwbeheerders. Een Scope 10-keuring is geen verplicht nummertje, maar een instrument om risico’s zichtbaar te maken voordat ze zich materialiseren. “Wij zijn geen boemannen”, zegt hij. “Wij willen dat iedereen veilig kan werken en verblijven in een gebouw. En dat bereik je alleen door samen te werken.”
Die samenwerking begint wat hem betreft bij drie zaken: opleiding, normkennis vergaren en het durven vragen van hulp. “Ga in gesprek met een inspecteur. Loop een keer mee. Inspecteren hoeft niet altijd, maar mag altijd. Door samen te kijken voorkom je fouten die je nooit alleen had gezien.”
Gebouwen veranderen sneller
Tegelijkertijd veranderen gebouwen steeds sneller. Functies wisselen, gebruikers groeien, installaties worden uitgebreid zonder dat het ontwerp wordt herzien. Elektrische belasting neemt toe door warmtepompen, laadinfra en zonnestroominstallaties en batterijopslagsystemen. In al die ontwikkelingen is Scope 10 een stabiliserende factor. De essentie van Scope 10 is niet het afgeven van een certificaat, maar het creëren van een veilige basis in een elektrische installatie die al jaren meegaat, of juist net nieuw is maar onvoldoende is afgestemd op het werkelijke gebruik.
Eén vraag

“Brandveiligheid komt neer op één vraag”, zegt Houtman. “Reageert de installatie zoals je mag verwachten op het moment dat er iets misgaat? Als je die vraag niet volmondig met ‘ja’ kunt beantwoorden, dan moet er iets gebeuren.” In de vijf kerken in Veenendaal wordt dat nu opgepakt. En volgens Houtman is dat precies hoe het hoort. “Je investeert niet voor een paar jaar, maar voor decennia. Dit soort gebouwen verdienen dat. En eerlijk gezegd: elk gebouw verdient dat.”
















